En toen was geluk heel gewoon…

Wie mooi wil zijn, moet pijn lijden…

Heb jij die tijd ook meegemaakt, de tijd dat we als vrouw gewoon met krulspelden in gingen winkelen? En dat een sjaaltje om je hoofd om je haar netjes te houden heel gewoon was? Dat je ’s nachts met krulspelden sliep, om ’s morgens je haar weer netjes te hebben? Sommige mannen vonden dat zelfs sexy.  Dat de pinnen je in het hoofd staken, was niet bepaald aangenaam. Maar ja, wie mooi wilde zijn moest pijn lijden.

Vervolgens mocht je maar één keer per week je haar wassen. Het zou niet gezond zijn om dat elke dag te doen. Dus na twee dagen waren mijn haren al vet en geen model meer in te krijgen. Gelukkig waren pruiken toen in de mode. Ik had dan ook verschillende pruiken, voor elke gelegenheid een. Je kon ook witte poeder in je haar doen om het te ontvetten. Maar van pruik en poeder kreeg ik ontzettende jeuk. Maar ja, wie mooi wil zijn moet pijn lijden…

Je was al gauw een lellebel (= slet)

Hoge hakken waar je nauwelijks op kon lopen, waren dé mode. Gelukkig kwamen er al gauw van die kurkhakken. Die leken hoog, maar waren het gelukkig niet. En dan op je tiende al een bh te moeten dragen… Geweldig voor de jongens die in de schoolklas achter me zaten. Leuk om er aan te trekken. Heel spectaculair, voor hen was ik een nieuwe ontdekking. Niemand droeg op die leeftijd al een bh.
Een paar jaar later kwam daar een knellende step-in bij én de bh mét maagband. Ik kon bijna geen adem halen, zo strak zat alles. Ondersteunend noemde men dat. Wanneer een jongen dan wat handtastelijk werd, deed ik of ik heel preuts was. Ik schaamde me voor het harnas, want andere meisjes hadden die niet. Mocht een jongen me toch knuffelen, dan vroegen ze steevast: wat heb je daar nu aan? En dat allemaal om mooi te zijn, heerlijk toch pijn lijden?!

Lange broeken waren voor lellebellen. Nee, je moest keurig een jurk of minstens een rok aan. Dus wat deed ik, een rok met daaronder een lange broek. Vanwege mijn grootse figuur kon ik geen kleren kopen, die moesten worden gemaakt. Al vanaf mijn achtste, dus toen ik een jaar of dertien was ging ik ze zelf maken. Ik was de mode altijd voor – bleek later. Een rok met zo’n heerlijke wijde kozakken broek eronder werd een paar jaar later mode.
En dan de prinsessen jurk, niet met een ceintuur om je middel, maar alleen van voren. De ceintuur ging dan naar de achterkant via de zijnaad onder de jurk door. Al gauw vroegen vriendinnen aan hun moeder om ook zo’n jurk te maken. Het werd een hype. Ja, iedereen wilde mooi zijn!

Venus van Willendorf

Het keurslijf legde ik af toen ik op mijn twintigste zwanger was van mijn eerste zoon. Wat was ik trots op mijn volumineus figuur. Heerlijke wijde kleren aan, eindelijk mocht ik dik zijn! Daarna toch maar weer het ‘ondersteunend’ ondergoed aangetrokken. Men zegt ‘het leven begint bij veertig’. Tot die tijd heb ik – behalve de zwangerschappen – dagelijks keurig het harnas aangetrokken. Tot iemand me wilde masseren, maar geen grip had op mijn lijf vanwege het vreselijk strakke ondergoed. Meteen heb ik daarna een ‘gewone’ bh gekocht en nooit meer de step-in gedragen. Tja, het was al allemaal aan het zakken, daarna ging het nog vlugger. Ik hoefde niet meer mooi te zijn!

Langzaam aan ontwikkelde mijn figuur zich tot Venus van Willendorf. Een beeldje dat ongeveer 24.000 jaar oud is. Men denkt dat het beeldje geen realistisch portret is, maar een idealisering van de vrouwelijkheid. Alle vrouwelijke geslachtskenmerken zijn als vruchtbaarheidssymbolen overdreven weergegeven. Zoals de volle borsten, dikke buik, venusheuvel, dijen en billen. Nou dan hebben ze mij nog nooit naakt gezien. Jammer voor de wetenschappers en de archeologen, een dergelijke vrouw bestaat toch echt!
Ikzelf heb er geen probleem mee, nooit gehad. En ik weet dat anderen er ook geen probleem mee hebben. Ik leef en heb bijna altijd geleefd tussen mensen die innerlijke schoonheid verkiezen boven uiterlijke. En de enkeling die zich er wel aan stoort, kan hierdoor ontdekken dat innerlijke schoonheid belangrijker is – of niet. Mooi zijn heeft vele ‘vormen’.

Van de ene op de andere dag volwassen!

Ik ben nog wat vergeten te vertellen. Van kinds af aan duimde ik en als ik moe was ging ik daarbij aan een lok van mijn haar draaien. Ik duimde zelfs totdat mijn eerste kindje werd geboren, tot mijn eenentwintigste! Daarna had ik er totaal geen behoefte meer aan. Van de ene op de andere dag nooit meer geduimd.
Het moederschap maakte van mij een volwassen vrouw. Ik duimde voor die tijd ook gewoon in gezelschap. Men was er zo aan gewend, dat niemand zich er aan stoorde. Dat is het prettige als je van kinds af aan iets doet of bent, niemand die het meer opvalt. Zo was het met duimen en met dik zijn. En nieuwe mensen dan? Oh, die raakten er heel gauw aan gewend. Het was zo’n natuurlijk iets. Vroeger was niet zo gauw iets gek. Alhoewel…

Een gelukkig mens

Je hoort wel: ik ben een gelukkig mens! Niet altijd geweest, er waren jaren bij dat ik diep ongelukkig was. Nu weet ik dat dat LEVEN is. Net zoals de seizoenen, ze komen en gaan weer. Omdat ik ze heb meegemaakt, weet ik wat je voelt wanneer je er midden in zit.
Van juist die jaren heb ik geleerd dat geluk heel gewoon is…

Lieve groet,
Daisha

 

Gewijzigd op 29/10/2014

  • Helma Ruiters

    Lieve Daisha,
    Bedankt voor alle herkenbare uiterlijke mooimakers.Ik ben,denk ik, ouder dan jij n.l. 74 en ik heb die tijden echt meegemaakt. Anders dan jij was ik slank, zeer onzeker en bang voor alle kritiek. Maar een step-in of korset nooit gedragen,ik kweekte wel een spierkorset.Gelukkig wel de vrijheid verworven.
    Ik geniet van je verhalen en zal je zeker een keer ontmoeten.
    Lieve groet,
    Helma Ruiters

    • Daisha de Wijs

      Lieve Helma,

      hartelijk dank voor je lieve woorden.

      Liefs,
      Daisha