Mensjes Kijken!

Een fijne tijd!

In de periode juli 1964 t/m juni 1965 werkte ik met veel plezier op de octrooiafdeling bij de toenmalige AKU, nu is dat het AKZO-concern. Ik solliciteerde bij de AKU, rechtstreeks komend van de middelbare school, omdat er al een paar generaties van onze familie daar werkzaam waren. Mijn opa Herman Hengeveld had personeelsnummer 47. Zijn zonen Louis, Johan en Theo zijn, net als mijn Opa, hun hele leven bij de AKU c.q. AKZO werkzaam gebleven. Terwijl het in die tijd niet eenvoudig was om aan een baan te komen, werd ik door hen in het sollicitatiegesprek te noemen meteen aangenomen. Ik kon de volgende week al beginnen.

Ook al is het lang geleden mijn herinneringen aan de tijd bij de AKU staan nog vers in mijn geheugen. Die periode was mijn start voor mijn latere carrière. Het personeelsbeleid was toentertijd, en misschien nog wel, wonderbaarlijk voor zo’n groot bedrijf. De persoonlijke aandacht en de kansen die eenieder kreeg aangeboden waren (zijn) een voorbeeld voor menig ander bedrijf.

Helaas moest ik na twee jaar, groeiend van typekamer naar afdelingssecretaresse, afscheid nemen. Mijn ouders hadden op dat moment geen bedrijfsleider voor een van hun twee supermarkten. Zij vroegen mij, als achttienjarige om deze taak op me te nemen. Door ziekte van mijn ouders kreeg ik op een gegeven moment de leiding van beide supermarkten. In die paar jaar, tot de geboorte van mijn eerste zoon in november 1968, heb ik beide supermarkten tot zeer goedlopende, winstgevende bedrijven mogen maken. Mede door het ‘Mensjes Kijken’, maar daarover straks.

Wat jij (be)denkt, (be)denkt een ander tegelijkertijd!

Wu Wei, doen door niets te doen

Door op de octrooiafdeling te werken, ontdekte ik al jong dat wanneer je iets bedenkt dat iemand anders, en soms zelfs meer mensen in de wereld, exact hetzelfde bedenken. Wanneer een ingenieur iets unieks had bedacht moest er meteen octrooi worden aangevraagd. En soms was men net een paar minuten te laat, doordat het elders op de wereld net even eerder was ingediend.

Er werkten toentertijd een twintigtal ingenieurs op deze afdeling, en ieder had een eigen kamer. Er bestonden toen nog geen computers, alles dat werd bedacht werd met de hand geschreven. Wanneer je bij een ingenieur binnenkwam zat hij meestal met zijn schoenen op het bureau en met zijn handen achter zijn hoofd. In de ogen van degene die binnenkwam leek het of hij half aan het slapen was. Zo konden ze daar uren zitten, nietsdoen. Het Wu Wei hadden zij zich al eigen gemaakt, doen door niets te doen!

Er is meer achter de schermen…

Gelukkig heb ik de gave om onleesbare handschriften te kunnen lezen. In het enthousiasme van wat de ingenieur bedacht, kon hij later zijn eigen handschrift niet meer lezen. En werd ik erbij gehaald om uit te typen wat daar stond. Zo heb ik in die tijd vele uitvindingen kunnen lezen.

Uitvindingen die zo goed waren dat ze nooit op de markt zijn gekomen, omdat dat economisch niet goed zou zijn. Wist je dat er toen al nylons waren waar nooit een ladder in zou kunnen komen. Vroeger droeg bijna iedere vrouw wel een step-in, een soort corset maar dan in de vorm van een onderbroek. Men had bedacht dat je deze zo groot kon maken als je wilde, en dan eenvoudig op maat afknippen zonder dat het zou gaan rafelen of zo.
Of verf dat nooit zou gaan bladderen of zou slijten, waar je dus je hele leven plezier van zou hebben.

Een puinhoop wordt opgeruimd

Het archief was één grote puinhoop. Wanneer een ingenieur een eerdere uitvinding wilde bekijken of wanneer men informatie vroeg over het een of ander kon je soms uren zoeken. Niets was gerubriceerd, ieder borg de dossiers op zijn of haar manier op. Doordat ik alles kon lezen, hoe slecht geschreven ook, werd mij regelmatig gevraagd om een dossier uit het archief te halen. Ik kreeg zo genoeg van die puinhoop dat ik naar de Afdelingschef stapte en vroeg of ik daar een systeem in mocht maken. Een systeem waar iedereen mee zou kunnen werken. Het voorstel werd ontvangen alsof ik door de hemel was gezonden. Het werd meteen toegejuicht, zowel door de mensen op de typekamer als de ingenieurs.

Het was zo belangrijk voor iedereen dat ik aardig wat eisen kon stellen. Zoals bijvoorbeeld een eigen kamer, wat toen uitsluitend het voorrecht was van de ingenieurs. Ieder ander moest de kamer met iemand of zelfs met meer mensen delen. Ook dat ik mijn eigen systeem mocht invoeren en dat niemand, totdat ik het af had, zich er mee mocht bemoeien.
Niemand maakte bezwaar, ook niet de hoogste directie waar aan toestemming moest worden gevraagd. Zo kreeg ik na drie maanden op de typekamer te hebben gewerkt een unieke positie.

In twee maanden had ik het ontzettend veel dossiers omvattende archief op orde. In die twee maanden was men zo gewend om mij te vragen wanneer ze iets nodig hadden, dat ik ook na die tijd deze functie bleef vervullen. Op een gegeven moment vond ik het belangrijk dat iedereen zijn of haar weg kon vinden in het archief. Vandaar dat ik voorstelde het iedereen te leren. Ook daar was men het mee eens, en heb ik wekenlang telkens aan een paar mensen uitgelegd hoe ze een dossier konden opzoeken.

Zelfs de ingenieurs moesten er aan geloven hun weg in het archief te kunnen vinden. Even terug naar de jaren zestig van de vorige eeuw… een ingenieur zeker op de octrooiafdeling was een soort heilige. Die moest juist door iedereen bediend worden. Het was dan ook nogal wat dat ik dat durfde te vragen.

En toch was ik erg verlegen…

Een jaar later moest ik mijn inmiddels zeer aparte positie op de afdeling vaarwel zeggen. Het was in de maand dat ik achttien jaar oud werd. De laatste dag dat ik er werkte is er een groots afscheidsfeest voor me gehouden. Met cadeau’s en er was zelfs een boekje voor me gemaakt met dankbare woorden er in door iedereen van de afdeling. Iedereen kon inmiddels hun weg eenvoudig en snel in het archief vinden. Ik had dan ook gedurende het laatste jaar er op toegezien dat iedereen ‘mijn’ systeem volgde. Een systeem dat later bij andere afdelingen ook werd ingevoerd.

Wat heb je nu aan dit verhaal?
En wat heeft dat met het ‘Mensjes Kijken’ te maken? Het verhaal is om een voorbeeld te geven van wat je kunt bereiken als je er niet voor terugschrikt om ‘Nee’ te horen te krijgen. Al vroeg leerde ik: ‘Nee heb je, Ja kun je krijgen!’
Deze zin helpt mij al een leven lang: nee heb je, ofwel de afwijzing is er al. Tenminste als je niets vraagt, immers dan wijs je jezelf af. Je wilt iets, je vraagt het niet, dus is het een afwijzing naar jezelf. Het is zelfs een soort mantra voor me geworden. Elke keer als ik aarzel om iets te vragen, denk ik: Nee heb je, Ja kun je krijgen!

Wat is erger dat iemand jou afwijst, of eigenlijk slechts ‘nee’-zegt? Of dat je niets onderneemt omdat je voor de ander invult dat het ‘misschien’ nee zal zijn. Door te denken ‘nee heb je, ja kun je krijgen’ heb ik in mijn leven zo ontzettend vaak ‘ja’ gehoord, terwijl ik zelf dacht ‘misschien’ of ‘nee’.

Vraag het met in je gedachten dat het ‘ja’ zal zijn, ofwel met een zekere overtuiging. Zonder achteraf teleurgesteld te zijn wanneer er ‘nee’ wordt gezegd. De teleurstelling is er omdat je er zelf al vanuit ging dat het ‘nee’ zou zijn. Je bent dan teleurgesteld in het feit dat je in wezen gelijk hebt gekregen. (Deze laatste zinnen vragen erom om ze even in je te laten bezinken en diep in je te laten landen!)

‘Nee’ heb je, ‘Ja’ kun je krijgen!

Je ziet dat ik door zo te denken al jong veel voor elkaar kreeg. En dat heeft niets te maken met jeugdige overmoed, ik was zelfs heel lang verlegen.

Mensjes Kijken

Door eerst op de typekamer te hebben gewerkt, had ik vrij snel vriendinnen gemaakt. Er werkte een donker meisje, in die tijd werd je daar nog voor aangekeken. Ik heb mensen die anders zijn altijd heel bijzonder gevonden en we werden dan al gauw dikke vriendinnen. Er was nog een meisje, iets ouder dan mij, zij stelde op een gegeven moment voor om na het werk samen Mensjes te gaan Kijken.

Ik snapte niet wat ze bedoelde, maar al gauw legde ze het uit. Zij had als hobby om op een terras te gaan zitten en dan te kijken naar de mensen die langs kwamen. Ze wist een ideale plek daar voor. Dus gingen we met de bus naar het centrum van Arnhem en stapte op het Willemsplein uit. Op een hoek was Café Riche-National van de familie Hooijdonk, kortweg Riche genoemd. Een prachtige gelegenheid niet alleen van binnen, maar ook op het terras. Iedereen die in de binnenstad van Arnhem wilde winkelen moest daar langs. Een ideale plek voor ‘Mensjes Kijken’.

In eerste instantie stond het me enorm tegen, ik voelde me een gluurder, een voyeur. Mijn vriendin keek voornamelijk naar wat men aan had en had daar veelvuldig commentaar op. Toen ze me de tweede keer meevroeg weigerde ik in eerste instantie. Maar na enig aandringen van haar kant dacht ik bij mezelf: het kan ook heel leerzaam zijn. Namelijk ik kon ook naar de mensen kijken hoe ik bijvoorbeeld hun huidige leven uit hun lopen, hun houding, etc. zou kunnen halen.

Een pluspunt voor de rest van mijn leven

Kortom, ik ben meegegaan met in gedachten om naar de innerlijke mens te kijken. En daar heb ik ontzettend veel van geleerd. Ik leerde te zien of men het zwaar had, of men eigenwaarde had, etc. etc. Ofwel ik leerde hun lichaamstaal herkennen. Dat is voor de rest van mijn leven een groot pluspunt geweest. Zonder woorden ‘lees’ ik of ik iemand alles kan vragen, of beter van niet. Het karakter van de mens kun je namelijk grotendeels uit zijn of haar lichaamstaal halen.

Echt een aanrader! Ik hoop dat we nog mooie zomerdagen krijgen en dat je je veelvuldig op een terrasje kunt ontspannen. En probeer dan het innerlijk van de mensen die langslopen te ontdekken. Uiteraard zonder kritisch te zijn, nee, juist met veel begrip. Wat een weldaad zou dat zijn, wanneer iedereen zou weten hoe de ander in het leven staat. Dan zouden heel wat meningsverschillen nimmer bestaan of snel zijn opgelost.

Mensjes Kijken op andere wijze

Zou je willen dat je het karakter van de ander, zijn of haar missie hier op aarde, etc. snel kunt doorzien? Dat leer ik je in de Opleiding Tarot Therapeut. Zie hier voor informatie: https://wellenberg.nl/opleiding/opleiding-tarot-therapeut/
In één jaar tijd leer je, zonder te oordelen, je partner, je kinderen, je ouders, je vrienden, je collega’s, etc. begrijpen!
Er is nog plaats voor twee studenten, dus aarzel niet te lang. Lees de informatie goed door en als het je aanspreekt, vraag dan een intake-gesprek aan. Hiervoor niet mailen, maar even bellen 0575-502264 – wel zo handig!

Lieve groet,
Daisha

Heb je een vraag, en dat kan over van alles zijn. Stuur deze naar daisha@radiomerlijn.nl Ik beantwoord je vraag in mijn radioprogramma ‘Zielsverwanten’. Elke week op zaterdag om 20.00 uur te beluisteren via Radio Merlijn ! En daarna nog de hele week bij Uitzending gemist. Vermeld wel je geboortedatum er bij en/of van de betrokkenen plus voornaam. Ik vertel deze niet in de uitzending, dus privacy verzekerd.

Wil je automatisch op de hoogte blijven? Hier kun je je gratis abonneren op mijn blogupdates. Of ontvang elke week informatie over mijn radioprogramma’s, hier kun je deze gratis nieuwsbrief aanvragen. Daarin staat ook iedere week mijn blog vermeld, dus dat is twee in één!

Gewijzigd op 11/07/2019

Reageren is niet mogelijk.